Deze zomerperiode zal de drone van het Europese Maritieme Veiligheidsagentschap nog altijd niet continu ingezet kunnen worden voor zoek- en reddingsoperaties aan zee. Dat blijkt uit het antwoord van gouverneur Carl Decaluwé op vragen van provincieraadslid Kurt Himpe.
“Vorig jaar voerde het Maritiem Reddings- en Coördinatiecentrum (MRCC) tijdens de zomermaanden voor de eerste keer een test uit waarbij met een drone naar een dummy in zee werd gezocht. Deze test bleek succesvol en bood mogelijkheden om in de toekomst reddingsoperaties nog beter uit te voeren. De test werd toen voor de eerste keer in ons land uitgevoerd. Maar voor een permanente inzet moest het luchtruimbeheer aangepast worden en er was hoop om tegen deze zomerperiode klaar te zijn voor operationele inzet bij echte incidenten”, verduidelijkt provincieraadslid Kurt Himpe.
Uit het antwoord van de gouverneur blijkt dat de operationele inzet voor Search and Rescue, zoek- en reddingsoperaties, echter nog altijd niet mogelijk is. “Men moet momenteel bepaalde stukken van het luchtruim op voorhand reserveren. Maar incidenten kunnen niet vooraf gepland worden en een continue reservering voor Search and Rescue is niet mogelijk.”
“EMSA-drone wordt nu vooral in de vroege ochtend ingezet voor controle op migrantenoversteek”
Volgens gouverneur Carl Decaluwé wordt de drone in de lucht gestuurd in de uren waarop er het meest kans is op incidenten. “De EMSA-drone wordt nu vooral in de vroege ochtend ingezet voor controle op migrantenoversteek”, aldus provincieraadslid Kurt Himpe. “Dat komt omdat de problematiek van de migrantenboten in het voorjaar sterk steeg en de oversteekpogingen gebeuren vooral in de vroege ochtend. De vlieguren voor de EMSA-drone werden verkregen, maar sindsdien is het aantal pogingen tot oversteek plots sterk gedaald, vermoedelijk door efficiënte politieacties aan land.”
“Voor een continue operationele inzet voor Search and Rescue moet eerst de drone-inzet voor zeer specifieke opdrachten mogelijk gemaakt worden. Dit kan maar wanneer het luchtruim kan gedeeld worden tussen drones en bemande luchtvaart of na de uitrol van U-space, een soort luchtverkeersleiding voor drones. Net zoals vliegtuigen worden begeleid door luchtverkeersleiders, zorgt U-space ervoor dat drones veilig kunnen vliegen zonder elkaar of andere luchtvaartuigen in de weg te zitten”, besluit Himpe.
